Geen automatisch ontslag bij bereiken 65 jaar


Doorbraak voor ouderen die (wél) na hun 65e willen doorwerken en die niet onder een CAO vallen

De kantonrechter in Utrecht heeft onlangs bepaald dat een werkgever een werknemer niet kan ontslaan enkel en alleen omdat hij 65 jaar wordt. Nu er geen CAO van toepassing was in dit bedrijf, keek de kantonrechter niet alleen naar wat voor gebruiken er binnen de organisatie golden, maar ook naar wat er in de samenleving als geheel gebruikelijk is. Door de landelijke discussie over de verhoging van de AOW leeftijd, is de maatschappelijke tendens verschoven naar doorwerken na je 65e.

 
Wat was er aan de hand?
Een werknemer is op 1 september 65 jaar geworden en werd sindsdien niet meer tot zijn werk toegelaten. Hij was het daar niet mee eens en vorderde in kort geding wedertewerkstelling en loondoorbetaling. De werkgever had zijn contract niet 2 maanden van tevoren opgezegd.
Kern van het geschil was nu de vraag  of de arbeidsovereenkomst van de werknemer ook zonder opzegging ‘van rechtswege’ is geëindigd toen hij op 1 september 65 jaar werd.
 
Overwegingen in dit geschil:
In het bedrijf gold geen CAO, maar wel een Arbeidsvoorwaardenreglement, waarin het volgende pensioenontslagbeding was opgenomen: ‘De arbeidsverhouding eindigt (…) op diens 65e verjaardag.’ De werkgever beriep zich er vanwege deze bepaling op dat het dienstverband dus op 1 september 2011 automatisch (van rechtswege) is geëindigd. Volgens de rechter was er echter nooit overeenstemming met de werknemer bereikt over de toepasselijkheid van het Arbeidsvoorwaardenreglement en dus kon daar door de werkgever geen aanspraak op gedaan worden.
 
De vervolgvraag was, of het dienstverband desalniettemin per 1 september beëindigd was, ook zonder voorafgaande opzegging door de werkgever. De kantonrechter beantwoordde die vraag ontkennend: het Nederlandse arbeidsrecht kent niet de rechtsfiguur van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die van rechtswege eindigt. Het beroep van de werkgever op een arrest van de Hoge Raad werd afgewezen.
 
Tot slot  stelde de werkgever dat het in zijn bedrijf vast gebruik was dat het dienstverband met 65-plussers eindigt. De kantonrechter antwoordde echter dat bij het vaststellen van wat een gebruik inhoudt, niet voorbij kon worden gegaan aan wat in de samenleving als geheel gebruikelijk is. Aangezien door de landelijke discussie over de verhoging van de AOW leeftijd de maatschappelijke tendens verschoven is naar doorwerken na je 65ewerd ook dit beroep afgewezen.
De werknemer moest weer tot zijn werk toegelaten worden en zijn loon doorbetaald.

Datum uitspraak: 19 oktober 2011

Vindplaats: LJN: BU3431, Sector kanton Rechtbank Utrecht, 773385 UV EXPL 11-365 LH 4059